Veel professionals ...

...vinden hun werk inhoudelijk leuk

Dit boek is geschreven voor...

... professionals in de (zakelijke) dienstverlening, die bij een grote of kleine organisatie werken. Mensen die een vak beheersen en dat met plezier uitoefenen. Mensen die werken voor opdrachtgevers, en graag willen dat die opdrachtgevers hun adviezen opvolgen.

Je zou kunnen zeggen dat goed kunnen adviseren een belangrijk onderdeel is van het werk van professionals. Naast hun vak als advocaat, accountant, architect et cetera is het deeltijdberoep: zorgen dat opdrachtgevers ook daadwerkelijk doen wat je ze adviseert. Dit boek helpt je daarbij.

Interessant voor wie?

Dit boek is bedoeld voor professionals die een inhoudelijke bijdrage leveren bij hun opdrachtgevers. Meestal zijn ze wat hoger opgeleid. Meestal met wat minder eelt op de handen. Vaak met een passie voor een vakgebied. Mensen die vanuit hun inhoudelijke expertise iets voor elkaar moeten krijgen en werken in de rol van opdrachtnemer of leidingnemende.

De titel van onze lezer is vaak iets als:

  • Adviseur
  • Architect
  • Businesscontroller
  • Jurist
  • Inkoper
  • Intern adviseur
  • Opleidingscoördinator
  • Projectleider
  • Programmamanager
  • Stafmedewerker

En de organisaties waarvoor hij werkt zijn:

  • interne stafafdelingen als
    • Businessconsultancy
    • Communicatie
    • Human resources
    • Inkoop
    • IT
    • Legal
    • Opleidingen
    • Veiligheid
  • of commerciële organisaties als
    • Adviesbureau
    • Advocatenkantoor
    • Architectenbureau
    • Consultancybureau
    • Detacheringsbedrijf
    • Ingenieursbureau
    • Trainingsinstituut

Dus dit boek is bijvoorbeeld bedoeld voor de:

  • externe adviseur die ziet dat de laatste beslissing van zijn opdrachtgever het hele traject vrijwel tenietdoet;
  • hr-medewerker die merkt dat de leiders in de organisatie niet naar hem luisteren, maar wel naar dure externe adviseurs op zijn vakgebied;
  • interne adviseur die aan zijn water voelt dat de nieuwe rapportage die hij moet ontwerpen echt niet gebruikt gaat worden;
  • beleidsmedewerker die gevraagd wordt voor de vierde keer een wijziging in zijn advies aan te brengen, terwijl het advies inhoudelijk allang goed is;
  • teamleider die aan de programmamanager moet uitleggen dat hij wel graag wil meewerken aan het project, maar domweg te weinig mensen heeft om het werk af te krijgen;
  • projectmanager die aan de directie uit moet leggen waarom zijn project uitloopt;
  • directeur die de raad van bestuur mee wil krijgen voor een investering terwijl er bezuinigd wordt;
  • stafmedewerker van Human resources die een directeur van een business unit adviseert over een opleidingsplan;
  • medewerker van een inkoopafdeling die een marktplaats op moet zetten voor het hoofd Inkoop (de opdrachtgever is hier tegelijk de manager);
  • externe projectleider die een softwarepakket moet implementeren voor de directeur Financiën;
  • trainer die aan zijn opdrachtgever moet uitleggen dat alleen training echt niet genoeg is en dat de manager zelf ook nog veel te doen heeft om ervoor te zorgen dat zijn mensen het gewenste gedrag gaan vertonen.